De antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASP)

LET OP: Mentaal Beter biedt geen behandeling voor deze stoornis

We spreken van een antisociale persoonlijkheidsstoornis als het dagelijks leven wordt verstoord door het voortdurend egocentrisch handelen. Iemand met een antisociale persoonlijkheidsstoornis verwaarloost en schendt andermans rechten en grenzen.

Vroeger stond de antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASP) ook bekend als psychopathische of sociopathische persoonlijkheidsstoornis.


Antisociaal gedrag

Volgens het DSM-V - een classificatiesysteem voor psychische stoornissen - moet het antisociale gedrag rond het 15e levensjaar al tot uiting zijn gekomen. Onder antisociaal gedrag verstaan we het niet rekening (kunnen) houden met anderen. Het egocentrisme van iemand met ASP komt voort uit een onvermogen tot empathie. Hij kan zich simpelweg niet in iemand anders inleven.

De kenmerken van de antisociale persoonlijkheidsstoornis

Iemand met ASP:
  • is impulsief, prikkelbaar en snel agressief;
  • is niet in staat zich schuldig te voelen;
  • past zich moeilijk aan de omgeving aan, negeert of botst met gedragscodes, regels en de wet;
  • handelt egocentrisch;
  • liegt overmatig om zijn doelen te bereiken. als dit gedrag een tweede natuur wordt kan het overgaan in ziekelijk liegen;
  • is onverantwoordelijk, komt verplichtingen niet na en gaat roekeloos om met andermans veiligheid.

Bij ASP is het antisociale gedrag geen bewuste keuze, hoe sterk dit ook zo overkomt.


Oorzaken van een antisociale persoonlijkheidsstoornis

Bij de meeste mensen met ASP is de stoornis ontstaan tijdens de jeugd, door emotionele verwaarlozing thuis of op school. Door gebrek aan socialisatie op gevoelige leeftijden raakt het empathisch vermogen onderontwikkeld. Iemand die lijdt aan ASP heeft geleerd zichzelf op de voorgrond te zetten en is zich niet bewust van de gevoelens van anderen.

Andere mogelijke oorzaken zijn:

  • hersenontsteking of -beschadiging door een ongeluk of vergiftiging;
  • een afwijking in de hersenen die leidt tot ASP zou ook erfelijk kunnen zijn, maar hierover is nog niet genoeg bekend.

De gevolgen van een antisociale persoonlijkheidsstoornis

Door continue botsing met de omgeving ontstaan vaak problemen als ontslag, echtscheiding en eenzaamheid. Ook aanvaringen met de wet komen voor, bijvoorbeeld door geweldplegingen of illegaal aan geld komen.

Iemand met ASP kan zich hebben aangeleerd om sociaal gedrag te veinzen - uit eigenbelang - maar de empathie is geredeneerd en geen echt gevoel. Uiteindelijk wordt dit opgemerkt, hoe intiemer de relatie, hoe eerder.

Antisociale gedragspatronen zijn te complex en vertrouwd omzelf goed te herkennen. Mensen met ASP zoeken dan ook pas hulp als het echt fout gaat, in het sociale leven, financieel of met de wet.

Diagnose en behandeling

De diagnose wordt gesteld als de patiënt voldoet aan tenminste drie van de DSM-V criteria, hierboven genoemd. Dit wordt beoordeeld door een psycholoog of psychotherapeut naar aanleiding van gesprekken met de patiënt en eventueel mensen uit zijn/ haar omgeving. In de eerste instantie wordt een patiënt behandeld naar zijn klachten. Dat kunnen relatieproblemen zijn, agressie of moeite met het vasthouden van een baan. Met psychotherapie of schemagerichte therapie worden methodes ontwikkeld om deze problemen uit de weg te gaan via het gedrag.

Als de antisociale persoonlijkheidsstoornis te erg blijkt, of als de focus op de klachten het leven juist erger verstoort, kan de persoonlijkheidsstoornis zelf behandeld worden. In gesprekken tussen de patiënt en de psychotherapeut wordt altijd overlegd welk soort behandeling het beste zou zijn.