Vormen van autisme

Sinds de overgang naar de DSM-5, het diagnostisch handboek voor de psychologie, zijn de verschillende vormen van autisme niet meer opgenomen. Er wordt nu gesproken van een Autisme spectrum stoornis (ASS). De hieronder besproken vormen van Autisme kunnen met de DSM-5 niet meer worden vastgesteld.

Omdat de onderstaande vormen van autisme voorheen wel konden worden vastgesteld en nog steeds veel worden herkend en gebruikt, leggen we hier uit wat deze vormen inhouden. De onderstaande vormen vallen in de DSM-5 onder de diagnose Autisme spectrum stoornis.


Klassiek autisme -

Klassiek autisme

Klassiek autisme is de meest zware variant van Autisme. Mensen met deze vorm van autisme hebben vaak veel moeite met communiceren, kunnen agressief of hyperactief zijn. Zij vertonen vaak dwangmatig gedrag (iets moet altijd op een bepaalde manier gebeuren of heeft tics). Daarnaast komt somberheid en last van slaapproblemen regelmatig voor. Ook kan er sprake zijn van epilepsie of een verstandelijke beperking. Voor mensen met klassiek autisme is het zeer moeilijk om tot sociale interacties te komen, op zowel verbaal als non verbaal vlak.

Asperger

Asperger lijkt wat betreft sociale problemen en problemen in de communicatie op klassiek autisme. Het verschil is dat mensen met Asperger wel goed kunnen praten en leren. Het is echter wel moeilijker voor deze groep om taal te begrijpen en te begrijpen wat andere mensen denken en voelen. Daarnaast komt het vaak voor dat mensen de neiging hebben om te veel te praten. Vaak is er sprake van meer fantasie en een grotere behoefte aan vriendschappen en relaties dan mensen met klassiek autisme.

PDD-NOS

Bij PDD-NOS heeft iemand last van sociale en communicatieve problemen zoals bij de voorgaande vormen van Autisme, maar dan in mildere vorm. Mensen met PDD-NOS hebben vaak moeite om zich op anderen te richten en heeft een duidelijke achterstand of beperking in de sociale omgang. Dat is vooral terug te zien in de manier van communiceren met anderen.

Mensen met PDD-NOS kunnen opvallen door:

  • Weinig begrip en gebruik van non-verbale signalen (vermijden van oogcontact, gelaatsexpressie, lichaamshouding)
  • Het niet of nauwelijks leren van sociale ervaringen; het ontbreken van wederkerigheid in het contact
  • Een eenzame, gesloten indruk te maken; zich angstig te tonen voor veranderingen
  • Fanatiek vast te houden aan bepaalde routines
  • Zich koppig en driftig te uiten (ingegeven door angst)
  • Eenzijdig belangstelling te tonen
  • Rigide en dwangmatige gedragspatronen te ontwikkelen
  • Overgevoeligheid voor zintuiglijke prikkels
  • Trage taalontwikkeling; eigenaardig ouwelijk taalgebruik
  • Taal in alle gevallen letterlijk te nemen
  • Onhandige, stijve motoriek
  • Onhandig en angstig gedrag in sociale situaties

Stoornis van Rett

De stoornis van Rett, die vrijwel uitsluitend bij meisjes/vrouwen voorkomt, wordt zichtbaar 6 tot 18 maanden na de geboorte. Daarna verliest het kind taal- en handfuncties en treden karakteristieke handbewegingen op (onder andere wringen of wassen) in combinatie met sociale en communicatieve stoornissen.

Desïntegratieve stoornis

Bij een desïntegratieve stoornis is er een periode van normale ontwikkeling tot tenminste twee jaar. Daarna verliest het kind een groot deel van zijn/haar vaardigheden en ontstaan problemen die vergelijkbaar zijn met die van kinderen met autisme. De stoornis van Rett en de desïntegratieve stoornis zijn zeer zeldzaam.

Meer informatie over de diagnose en behandeling van autisme.

Bel mij voor een afspraak
Online test autisme
Zoek een praktijk
v
Toon praktijken